Implanon NXT

werking en bijwerkingen | waar en wanneer inbrengen | zwangerschap bij Implanon | NVOG richtlijnen | NHG-standaard

(zie ook: insertie Implanon | verwijderen Implanon | opsporen Implanon)

Implanon NXT in vernieuwd insertiesysteem

Inleiding: werking en bijwerkingen

Implanon NXT behoort tot de progestageen-alleen anticonceptie. Het is een staafje met een lengte van 4 cm en een doorsnede van 2mm: vergelijkbaar met de grootte van een lucifer. Het staafje zit in een steriele wegwerpinserter (zie afbeelding). De werkzame stof is het progestageen etonogestrel. Aan het staafje is bariumsulfaat toegevoegd voor röntgenherkenning. Dagelijks wordt een constante hoeveelheid van ca. 25-30 µg van de werkzame stof in het bloed opgenomen. De eerste weken na het inbrengen van het staafje is de afgifte van de werkzame stof hoger. Soms geeft dit aanleiding tot hoofdpijnklachten tijdens de eerste weken na het inbrengen, maar deze klachten verdwijnen doorgaans vanzelf weer. Zoals bij alle andere middelen van progestageen-alleen anticonceptie verandert het bloedingspatroon. Gedurende de eerste maanden na het inbrengen kan er vrij langdurig bloedverlies zijn meestal in de vorm van spotting (steeds kleine beetjes bloedverlies). De totale hoeveelheid bloedverlies is echter altijd minder dan bij een normale menstruatie. Na de beginperiode komt de bloeding nog af en toe op niet te voorspellen momenten en kan soms ook geheel wegblijven. De methode is uiterst betrouwbaar. De werking berust vooral op het onderdrukken van de eisprong. Na 3 jaar kan de afgifte van voldoende hormoon om de ovulatie te blijven voorkomen niet meer worden gegarandeerd en dient het staafje te worden vervangen. Groot voordeel van de methode is dat er altijd bescherming is tegen zwangerschap. Let op: Implanon beschermt niet tegen seksueel overdraagbare aandoeningen (SOA's). Gebruik dan ook condooms bij risico gedrag.

Waar en wanneer inbrengen

Implanon NXT wordt vlak onder de huid ingebracht in de linker of rechter bovenarm. Als op het moment van inbrengen de pil nog wordt gebruikt of er nog een spiraaltje in de baarmoeder zit maakt het niet uit op welk moment in de cyclus het staafje wordt ingebracht. Wordt geen betrouwbare anticonceptie gebruikt dan dient het staafje tijdens de menstruatie te worden ingebracht om er zeker van te zijn dat er op het moment van het inbrengen van het staafje al geen bevruchting heeft plaatsgevonden. Implanon is dan ook niet geschikt als morning-after behandeling.

Zwangerschap bij Implanon

Als het Implanonstaafje volgens de instructie op de juiste wijze en op het juiste tijdstip in de cyclus is ingebracht is het een uiterst betrouwbaar middel om zwangerschap te voorkomen. De eerste vraag die gesteld moet worden bij zwangerschap is: zit het staafje wel in de arm? Het blijkt dat bij de zwangerschappen, die gemeld zijn bij Implanongebruik het staafje niet terug te vinden was of te zijn ingebracht nadat fertilisatie had plaatsgevonden (zie ook opsporing Implanon). Vermoedelijk is er bij het voorbereiden van de inbrengprocedure iets fout gegaan. Ook kon de aanwezigheid van het werkzame hormoon etonogestrel niet in het bloed worden aangetoond. Bij de enkele zwangerschap waarbij het staafje nog wel aanwezig was had bevruchting al plaatsgevonden op het moment van het inbrengen van het staafje.

Overzicht betrouwbaarheid progestageen-alleen methoden van hormonale anticonceptie

Richtlijn nr.42 NVOG: progestageen-anticonceptie

NHG-standaard M02 hormonale anticonceptie

(terug naar progestageen-alleen anticonceptie)

Deze pagina werd voor het laatst bijgewerkt op 19 oktober 2010

home copyright disclaimer privacy