Hormonale anticonceptie

Gebruik -in de risicogroep*- bij pil en spiraal k condooms ter voorkoming van SOA's, HIV en AIDS !!!

Inleiding | Overzicht toedieningsvormen | NHG-Standaard en NVOG-Richtlijnen

Inleiding

Het basisprincipe van hormonale anticonceptie is het benvloeden van de normale productie van eicellen bij de vrouw en zaadcellen bij de man. Hormonale anticonceptie bij de man is nog steeds in de onderzoeksfase (zie toekomst). Bij de vrouw heeft de pil een niet meer weg te denken plaats verworven sinds de introductie in het begin der zestiger jaren. Gedurende de laatste 50 jaar is de hormonale anticonceptie bij de vrouw steeds verder verfijnd. De laatste jaren zijn er vooral ontwikkelingen gaande in de wijze van toediening van de hormonen, waardoor er een scala aan mogelijkheden is gekomen voor iedere vrouw, die maximale bescherming tegen zwangerschap wenst, een bij haar passende toedieningsvorm te kiezen. Alhoewel sommige vormen van hormonale anticonceptie zelfs nog betrouwbaarder zijn dan sterilisatie is het ontstaan van zwangerschap nooit voor 100% uit te sluiten (zie ook overzicht betrouwbaarheid van de hormonale methoden)

Overzicht verschillende toedieningsvormen hormonale anticonceptiva

Toedieningsvorm

Oestrogenen + progestagenen of progestageen-alleen 

Hoe vaak in te nemen of toe te dienen Meer info
Tabletten Oestrogenen + progestagenen 1 tablet per dag 21of 22 dagen + stopweek max. 7 dagen De pil
Progestageen-alleen 1 tablet per dag. Geen stopweek De minipil
Injectie Progestageen-alleen 1 injectie per 12 weken De prikpil
Intra-uterien systeem Progestageen-alleen 1 maal inbrengen per 5 jaar Mirena
Implantaat Progestageen-alleen 1 maal inbrengen per 3 jaar Implanon
Vaginale ring Oestrogenen + progestagenen 1 maal inbrengen (en verwijderen) per 3 weken + stopweek max. 7 dagen Anticonceptiering
Pleister Oestrogenen + progestagenen 1 maal per week 1 pleister plakken gedurende 3 weken + stopweek max. 7 dagen Pilpleister

Overzicht verkrijgbare preparaten

Overzicht betrouwbaarheid van de hormonale methoden 

Richtlijn nr. 40 NVOG: Orale anticonceptie: de combinatiepil

Richtlijn nr. 41 NVOG: Intra-uteriene anticonceptie (Mirena)

Richtlijn nr. 42 NVOG: Progestageen-anticonceptie

NHG-standaard M02: Hormonale anticonceptie

*Verhoogd risico op SOA indien jonger dan 25 jaar; indien wisselende seksuele partners (of een partner met wisselende contacten); indien een nieuwe relatie korter bestaat dan 3 maanden en n of beide had tevoren een andere seksuele relatie: laat na 3 maanden bij huisarts of GGD testen op doorgemaakte SOA en/of AIDS alvorens geen condoom meer te gebruiken.

home copyright disclaimer privacy