Insertie Gynefix*

(zie ook de algemene richtlijnen voor insertie van een IUD)

Meet de fundusdikte voorafgaande aan de insertie met echografie. De minimale fundusdikte is 11mm.  

Stap 1: na een gynaecologisch onderzoek en desinfectie van de vagina en cervix wordt de Allis of Pozzi Forceps op de cervix geplaatst (horizontaal of verticaal zoals je verkiest bij je patiėnten). Op deze manier wordt de baarmoeder in strekstand gebracht. Stap 2: Plaats je hand op de Forceps (tussen je wijs- en middenvinger) zoals je ziet op de foto. Zorg ervoor dat je duim vrij is.  Stap 3: Plaats de hysterometer, uit de verpakking, in de baarmoeder: het is zeer belangrijk zowel de diepte als de richting van de baarmoeder te kennen. Wanneer je met de hysterometer de baarmoederfundus kan raken, biedt het je meer zekerheid dat het eveneens zal lukken met de GyneFix® applicator. 
 
Stap 4: De GyneFix applicator wordt vervolgens uit de verpakking genomen zoals aangegeven op de foto. Neem de applicator met de andere hand dan deze waarmee je de Allis Forceps vasthoudt. Neem hem met duim en wijsvinger uit de verpakking (ter hoogte van de inkeping hiervoor voorzien). Blijf de applicator zo vasthouden totdat je contact voelt met de fundus (zie stap 7).   Stap 5: Breng de applicator in de baarmoederholte totdat je aan de funduswand bent. Normaal is de diepte identiek aan de lengte van de hysterometer. De ring rond de applicator hoef je niet te verplaatsen, deze blijft ter hoogte van 10cm staan. Deze ring dient enkel voor fixatie van de applicator in de verpakking. Stap 6: Als je contact voelt met de fundus, plaats dan je duim van de hand die de forceps vasthoudt tegen het uiteinde van de applicator (zie foto) om zo contact te houden met de fundus alvorens je GyneFix in de baarmoeder fixeert.
 
Stap 7: Nu kan je je andere hand van de applicator loslaten.   Stap 8: Plaats je duim en wijsvinger op de voorziene uitsparing op de applicator, zoals op de foto. 
Stap 9: Kijk nu naar de afstand tussen de naald en de insertietube zoals wordt getoond op de foto.
Stap 10: Duw het heft naar voren, terwijl je voelt hoe de knoop in de fundusmusculatuur verankerd wordt. De insertie is volledig wanneer het heft de insertietube raakt, het spiraal is dan verankerd. Het is niet nodig om extra hard te duwen of een tweede keer te duwen. 
  
Stap 11: Snij de draad door met een scalpel, net ter hoogte van de fixatie op de applicator (zoals getoond op de foto). Zorg ervoor dat je duim op het einde van de applicator gepositioneerd blijft om tractie op de verankering te vermijden.    Stap 12: Verwijder nu je duim van de applicator. Verwijder de naald terwijl de insertietube tegen de baarmoederwand gehouden wordt. Stap 13: Verwijder de insertietube traag en voorzichtig met een draaiende beweging.
 
Stap 14: Het is belangrijk niet aan de draad te trekken onmiddellijk na het uitvoeren van de procedure. Knip de draad tot op 2,5cm. Controleer of de insertie goed is uitgevoerd, door de afstand te meten van de visualisatie tot de serosa. De minimale afstand tot de serosa is 2mm.  Stap 15: De aanwezigheid van het klein metalen buisje maakt visualisatie mogelijk door echografie. Dit onderzoek levert belangrijke informatie over de juiste plaatsing van het ankertje na de insertie. Als je  op de foto hierboven klikt, dan volgt een video presentatie (duits gesproken met engelstalige toelichting) op YouTube.
 * Foto's en stappen te volgen bij de insertieprocedure zijn beschikbaar gesteld door Contrel Europe BV te Gent (Belgiė). Meer info, ook over de Home Uterine Trainer (HUT®) die bij het hierboven beschreven stappenplan wordt getoond is te vinden op www.contrel.be

Deze pagina werd voor het laatst bijgewerkt op 28 april 2019

home copyright disclaimer privacy