Anticonceptie bij mamma (borst) afwijkingen, zowel goed- als kwaadaardig

Algemeen | Zwellingen, waarbij nog geen diagnose is gesteld | Benigne (goedaardige) borstafwijkingen | Mammacarcinoom (borstkanker) in de familie | Bestaand mammacarcinoom | Geen verschijnselen meer van mammacarcinoom (borstkanker) sinds 5 jaar

Algemeen

Het relatieve risico op het krijgen van borstkanker bij vrouwen die de pil gebruiken bedraagt 1.24. Het relatieve risico blijkt sterker verhoogd bij vrouwen, die voor hun twintigste met de pil zijn begonnen: 1.59 en in de vier jaar na het stoppen van de pil: 1.49. Voor alle groepen verdwijnt het verhoogde risico in de vijf tot tien jaar na het stoppen van het pilgebruik. Het absolute risico blijft echter klein. Als 20.000 vrouwen de pil gebruiken van hun twintigste tot hun vierentwintigste jaar betekent dit dat zich in deze groep tijdens het gebruik van de pil en in de tien jaar na het stoppen ervan, vijfendertig gevallen van borstkanker zullen voordoen in plaats van de tweeŽndertig bij vrouwen die nooit de pil gebruikten. Dit afwegend tegen de evidente voordelen van het pilgebruik: de lage abortuscijfers en het beschermend effect op het risico op ovarium en endometriumcarcinoom, is dit relatief verhoogde risico geen reden de pil te onthouden aan grote groepen vrouwen. Koperhoudende spiraaltjes kunnen bij iedere afwijking van de borsten zonder bezwaar worden ingebracht: cat.1.

Zwellingen, waarbij nog geen diagnose is gesteld

De meeste zwellingen bij vrouwen in de vruchtbare levensfase zijn goedaardig. Er dient nadere diagnostiek plaats te vinden, doch gedurende dit onderzoek kunnen zowel combinatiepil, anticonceptiering, anticonceptiepleister, minipil, prikpil, subdermaal implantaat Implanon als Mirena worden voorgeschreven: cat.2.Koperhoudende spiraaltjes kunnen zonder bezwaar worden ingebracht: cat.1.

Benigne (goedaardige) borstafwijkingen

Er bestaat geen enkele beperking voor welke vorm van anticonceptie dan ook.  Zowel combinatiepil, anticonceptiering, anticonceptiepleister, minipil, prikpil, subdermaal implantaat Implanon, koperhoudende spiraaltjes als de Mirena worden ingedeeld in categorie 1.

Het vůůrkomen van mammacarcinoom (borstkanker) in de familie

Er bestaat geen enkele beperking voor welke vorm van anticonceptie dan ook.  Zowel combinatiepil, anticonceptiering, anticonceptiepleister, minipil, prikpil, subdermaal implantaat Implanon, koperhoudende spiraaltjes als de Mirena worden ingedeeld in categorie 1.

Bestaand mammacarcinoom

Aangezien mammacarcinoom (= borstkanker) een hormoongevoelige tumor is, dient een andere vorm van anticonceptie te worden gekozen dan combinatiepil, anticonceptiering, anticonceptiepleister, minipil, prikpil, subdermaal implantaat Implanon of Mirena: cat.4.Koperhoudende spiraaltjes kunnen zonder bezwaar worden ingebracht: cat.1.

Geen verschijnselen meer van mammacarcinoom (borstkanker) sinds 5 jaar

Na een recidiefvrije periode van 5 jaar na behandeling van het mammacarcinoom kan gekozen worden voor hormonale anticonceptie onder strikte medische controle, indien andere niet-hormonale vormen van anticonceptie te veel bezwaren oproepen.  Zowel combinatiepil, anticonceptiering, anticonceptiepleister, minipil, prikpil, subdermaal implantaat Implanon als de Mirena worden ingedeeld in categorie 3.Koperhoudende spiraaltjes kunnen zonder bezwaar worden ingebracht: cat.1.

(terug naar groepsindeling)

home copyright disclaimer privacy